Ne'er saw I, never felt, a calm so deep;Jeugdig Vlaanderen juicht en ouder Vlaanderen kreunt onder een sneeuwtapijt dat het land niet meer zag sinds 1969 en velen Belgen verheugden zich in de eerste echte witte kerst sinds 1964. Of dit nu een effect is van de klimaatsverandering laat ik in het midden maar ik denk dat we zulk weer nog veel meer mogen verwachten : de seizoenen zullen extremer worden, dat is een realiteit. Los van dit zware wetenschappelijke vraagstuk blijf ik wel genieten van die winterse pracht, zeker in het lokale natuurreservaat de Doode Bemde, een naam die trouwe lezers al goed zullen kennen. In de dagen voordat de studentenblok begon ben ik er nog een paar keer geweest, dan weer eens met Darko, dan weer eens alleen vergezeld door mijn trouwe fotocamera's en een verrekijker.
The river glideth at his own sweet will;
Dear God! The very houses seem asleep,
And all that mighty heart is lying still!
William Wordsworth - Composed upon Westminster Bridge (1803)
Elke aannemer die ze lieten komen overzag de drassige omstandigheden van dit overstromingsgebied, de moeilijke bereikbaarheid en de natuurwaarde van dit gebied en weigerden allemaal of gaven hoge prijzen op, te hoog voor de werkingsgroep. Ten einde raad kreeg een van de vrijwilligers het idee om aan te kloppen bij de genie van het leger. Ja, die zagen het zitten om te komen helpen, na drie jaar voorafgaand onderzoek, vergaderingen en vergunningen werd het groen licht gegeven door het legercommando en op een dag om 6.30 stonden ze er, twintig man en vier voertuigen, allemaal geniesoldaten van de genieschool in Namen en onder toezicht van Kolonel Mignolet, Kapitein Brunelle en Chef Roeland. Ze trokken met hout vier paaltorens op die verbonden werden met lange staalkabels, daarna kon de eigenlijke bouw van de nieuwe brug beginnen.
Maar net de twee dagen ervoor waren er stevige zomerregens gevallen en een zware Unimog 4x4 wist zich vast te rijden in de drassige modder van de tot glijbaan herschapen tramdijk. Ze probeerden dit voertuig los te trekken met een andere stevige Volvo vrachtwagen maar deze gleed ook de berm af. Nog niet door hun tandvlees heen belden ze de kazerne in Heverlee op om een zware takelwagen te voorzien die rond 9 uur 's avonds kwam, de Unimog kreeg dit voertuig wel los maar de Volvo bleef sterk hellend achter in de gracht. Deze Volvo stond rotsvast met een heel aantal vermoeide soldaten errond die in dit voertuig eigenlijk hun terugweg moesten aanvatten. Ze moesten hun eigen kazerne in Namen opbellen om een voertuig te sturen om hen op te halen, ze waren vertrokken om middernacht en stonden alweer terug op het terrein -toch zo'n 100km rijden- om 6.30 de volgende morgen, ze hadden een korte nacht ...
Met kabel en katrol werd de brug verder afgewerkt in Robinia (streekeigen acaciahout, een Europese vereiste voor subsidies) en met stevige leuningen afgelijnd. De kapitein van hun eenheid had inmiddels contact opgenomen met de Elfde genie van Burcht die een zware M113 rupsvoertuig met kraan opstuurden waarmee de Volvo losgewrikt kon worden.
Maar de brug lag er, de omwonenden werden ervan overtuigd dat de oorlog niet terug begonnen was ondanks al die legervoertuigen die door hun dorp gegaan waren en de zorgeloze wandelaar kan tegenwoordig niets meer te ontdekken van al dat zware labeur dat het Belgische leger deed in het reservaat. Zo is er toch nog een positieve noot te melden over "onze jongens". Ook voor hen was het een nuttige oefening want normaliter graven ze in hun eigen kazerne een gracht, bouwen daar een brug over, moeten die terug afbreken en elders opnieuw beginnen. Dit was het echte werk. Het is een verhaal dat steeds in mij terugkomt als ik deze brug passeer, maar intussen stond het leven in het reservaat ook niet stil.