"Et j'irai loin, bien loin, comme un bohémien, Par la Nature, - heureux comme avec une femme."
Arthur Rimbaud

vrijdag 12 oktober 2012

Pyreneeën - Ordesa

Zwaar, adem, steen
zon die even verscheen
Gieren gieren gezwind
vervlucht in de wind
Een klokje bloeit op rots
blaadjes vol trots
Stenen ratelen, beneden
mijn passen, afgemeten
Groen, oker, blauw, roest
Natuur arbeidt, noest
Verleden, vergeten
Nu...

VAG@2012 - Bergtocht
Een nagelbijtende rit bracht ons in de hogere Spaanse Pyreneeën met vele bochten, prachtige smalle wegjes waar ik van zou genoten hebben indien de Passat niet steeds meer kracht verloor in de bergen door, zo bleek achteraf, een scheur in de turboslang. Soms kropen we voort terwijl ik door het roeren met de versnellingspook de motor in hoge toeren hield om de beklimmingen uit te houden. Het werkte en na een paar uur zwaar werk voor de dieselmotor kwamen we aan camping San Anton in Torla (provincie Huesca), de toegangspoort tot het Parque Nacional de Ordesa y Monte Perdido, een groot nationaal park die de hoogste Spaanse Pyreneeëntoppen omvat. Onze camping, hoewel aan de dure kant, was heel netjes en had een uitzicht dat onbetaalbaar was, recht op de machtige rotsige toppen van het park en het lag op slechts een half uurtje wandelen van het dorpje Torla.
De Passat blaast stoom af, de dieselmotor moest nu extra hard werken zonder turbo.
Het voordeel van deze kleine autopech was wel dat we de auto meer lieten staan en te voet overal heen gingen, ook naar het dorp Torla dat met de auto maar 5 minuten rijden was, toch zou ik voor geen geld die half uur durende wandelingen gemist willen hebben ... Het was een prachtig dal waar ik me soms in de Alpen waande. De rivier dat miljoenen jaren geleden dit glaciale dal maakte is de Ara, de enige nog bestaande rivier van betekenis in Spanje, 70km lang, dat nog niet door mensenhanden beïnvloed is.
In de verte ontwaart de oplettende lezer het kerktorentje van Torla.
Ook hier zijn Roel en Martijn weer op insectenpad. We zouden onder andere een vliegende Rouwmantel (Nymphalis antiopa) zien, weer die trekvlinder die ik met mijn reisgenoten in Stockholm vorig jaar mocht aanschouwen ! Het blijft een mooie verschijning.
Bij het brugje om het dorp binnen te stappen is de loop van de Ara één geheel met de woeste achtergrond van Moedertje Natuur haar hakwerk.
Torla zelf is een rustig dorpje van zo'n 300 inwoners met enkele gezellige restaurantjes -wij aten in de L'Atalaya, een aanrader!- en omringd door weiden en de bergen.

In de zomer mag je met de auto het park van Ordesa niet binnen met de eigen auto, je kan hem parkeren in het dorp en met de autocar naar de parking rijden in het park, of je kan de auto parkeren dichterbij het park langs de weg en te voet verder. Aangezien onze camping tegen Ordesa lag, gingen wij met de benenwagen het park in.
In Torla zijn er ook enkele sportwinkels met wandelgerief waar je goede stafkaarten kan kopen. Ook hier zijn vergelijkingen met de Alpen denkbaar.
's Avonds keren we om, terug naar de camping langs de Ara, en de schemering had voor ons een magnifiek schouwspel in petto ... Mijmeren langs de Ara waarbij je een Adderringslang (Natrix maura) opschrikt, voor mij werd het een rustgevend uurtje.
Scutigera coleoptrata, een algemene duizendpoot in het Middelandse zeegebied, kwam ons nog met een bezoekje vereren. En dan was het matras opzoeken geblazen, want de volgende morgen kwam het hoogtepunt -letterlijk en figuurlijk- van de reis ...
Acht uur 's morgens zijn we al meer dan half uur onderweg, op naar de hogere delen van Ordesa. We zouden een bergwandeling van zo'n zes kilometer doen, aanvullend op de zo'n twee kilometers van het verbindingstuk.
Voor mij was het rustig aan geblazen, ik ben niet gemaakt om te klimmen, maar traag ging ook en gelukkig was er dit bronnetje om mijn waterfles terug aan te vullen zodat ik zou toekomen.
Een onbekende telg van de Ranunculaceae begroet de dag met haar voetjes in het bronwater.
Ook deze Muurhagedis (Podarcis muralis) kwam de dag groeten bij ons tienuurtje.
En dan was ik toch blij dat ik de hele reis de oude bergstok van mijn grootvader meegezeuld had, op de beklimming was deze stok al een redding, op dit bergpad werd het helemaal een ware vriend die mij behoedde van evenwichtsverlies ...
Maar mijn hoogtevrees, die ik tenslotte overwon, kon niet beletten dat de nieuwsgierige bioloog in mij de overhand had en de vele steenvegetaties bekeek. Interessante en voor mij totaal onbekende planten passeerden de revue, de meesten aangepast aan een droog klimaat. Zoals eerder al uitgelegd zijn de Spaanse Pyreneeën veel droger dan de Franse die door de Atlantische regenbuien veel meer bevloeid worden. De tweede foto is een telg van de Euphorbiaceae, de wolfsmelkfamilie, te herkennen aan hun karakteristieke veelbloemige bloeiwijze met typische bloemvorm.
Het was mijn eerste zomervakantie in de bergen en dit was mijn eerste échte bergwandeling, het zal mij altijd bijblijven ... Zeker omdat er vanachter een berg ineens nog een gestalte het luchtruim binnendrong die ik nieuwsgierig met de verrekijker bekeek. Het deed mij luid roepen naar mijn reisgenoten die achtergebleven waren om insecten te bekijken in de maquisvegetatie. Het was een Lammergier (Gypaetus barbatus), een vogel die de zweefkunst tot in de puntjes van zijn vleugels beheerst en in vlucht het silhouet van een kruis vormt : zeer herkenbaar en een magnifiek zicht voor de ogen van de vogelaar. Deze vogel neemt gelukkig weer in aantal toe na in Europa bijna uitgestorven geweest te zijn door de jacht, lange tijd dacht men namelijk dat dit beest lammeren en kinderen verslond ... Inmiddels weet men wel beter, zijn voeding bestaat voor meer dan 80% uit aas. Helaas vloog hij te hoog voor een foto, volgende keer beter ! Maar de indruk, die vergeet ik nooit meer ... Wat een prachtig dier ! Voor mij was dit toch het hoogtepunt van de hele reis en een van de redenen waarom ik eens echt de bergen in wou gaan ...
En dan die landschappen ...
En dan die rotsstapels ...
Van rechts naar links : Roel, Martijn en ik. De zon scheen, de temperatuur kwam niet hoger dan 20°C, een verademing tegenover vorige dagen, de vogels vlogen, de insecten zoemden, het was een prachtige belevenisvolle dag voor twee biologen en een bio-ingenieur, drie natuurliefhebbers.
Geef de natuur tijd en ze neemt alles terug in ...
Onder de waterspiegel van de Ara speelt het licht spelletjes op de keienbodem.
Zoetwaterslakken zorgen ervoor dat de algengroei binnen de grenzen blijft.
De balans na drie dagen Ordesa en Torla was heel goed, zeker voor de insectenmannen die heel wat mee moesten nemen naar huis om onder de binoculair te kunnen determineren.
De laatste avond was ons gas op, om de grote kookpot dan op het alcoholvuurtje te kunnen koken moest het vuur een beetje overtuiging krijgen en hoe doe je dat beter dan een luchtmatras om te toveren tot een blaasbalg ? Kamperen is jezelf uit de slag trekken !
Met spijt in het hart nam ik afscheid van de Pyreneeën. Normaal gezien waren we ook de Franse beestjes gaan lastig vallen maar ik durfde mijn auto niet meer te overbelasten dan strik noodzakelijk. We reden dus de grensovergang over, met een zestal kilometer een helling van 10% die de Passat nog moest overleven, in tweede versnelling en dertig kilometer per uur. Dat lukte maar met een gigantisch olieverbruik waardoor ik na de tunnel snel moest bijvullen, gelukkig werd het beter toen we Frankrijk binnenreden, het was terug bergafwaarts en gaandeweg werd alles groener en platter, onze bergvakantie was helaas voorbij, maar eens ga ik terug ! Net als het noorden van Europa zijn onze Europese bergketens nog enclaves van wilde natuur, dat werkt verslavend en het wekt tegelijkertijd rust en energie op. De mens heeft nu eenmaal drie miljoen jaar evolutie in en met de natuur gekend, daar zullen de laatste 300 jaar niets aan veranderen, mensen zijn gemaakt om met de natuur om te gaan.

Als ze dat nu ook eens zouden beseffen ... waren we veel rijker. Rijker in ons leven. Rijker van geest.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen