"Et j'irai loin, bien loin, comme un bohémien, Par la Nature, - heureux comme avec une femme."
Arthur Rimbaud

zaterdag 19 juni 2010

Mijn buske - hoe het begon

We schrijven 1979. In dit jaar introduceert Volkswagen de derde generatie van haar succesvolle Transporter, de bestelauto in de klasse tot 1 ton laadvermogen, bij liefhebbers T3 genoemd. De eerste twee generaties Transporter waren gebouwd volgens het basisprincipe zoals dat ooit door de Nederlandse VW importeur Ben Pon bedacht was. Zij hadden allebei de motor achterin liggen met de aandrijving op de achterwielen. De derde generatie blijkt hier ook op voort te borduren.

Erik Wilderdijk - teedrie.nl

1994. Een schooluitstapje in de dovenschool Woluwe met onze klas. Een kleine klas dus hoeft de grote Mercedes niet van zijn plaats te komen, een gedeukte Volkswagen T3 busje volstaat om een stel uitgelaten kinderen van 6 jaar naar het park te brengen.


2004. Mijn buurman-klusjesman Roger rijdt sinds jaar en dag met een Volkswagenbusje. Een viertal jaar geleden ruilde hij zijn oude groene T2b in voor een tweedehands en knalrode T3 bestelwagen met een 1.6 dieselmotor met ocharme 50pk voor een busje van 1500kg leeggewicht. Ik begin in dat jaar mijn schuchtere zoektocht naar een eerste auto. Wat surfen op het internet en ik kom op een aantal T3-websites die prompt mij een verhaal vertellen van karakter, ruimte, traagheid en betrouwbaarheid. Die mij een verhaal vertellen van een der laatste echte simpele Volkswagens. Ik was verkocht. Ook was ik opgegroeid met die rode rammelbak in de straat die iedere morgen klokslag 7 de buren wakker ronkte met die oude dieselmotor achterin waarop heel de bus resoneerde met al het gereedschap dat aan de wanden bevestigd was. Ik mocht eens meerijden en bij iedere acceleratie rammelde heel het arsenaal aan gereedschap mee dat het een lieve lust was, de gordel wou zijn rustpositie maar heel moeilijk opgeven en door de hoge zit had ik een grandiose kijk op de weg voor mij.

Ik begon te dromen van lange ritten en vakantietripjes met een eigen auto en wat drukt er meer vrijheid en non-conformisme uit dan zo'n oude VW bus waarmee iedereen je een beetje gek verklaart ? De T3 begon in deze jaren liefhebbersstatus te krijgen en ik liet mij als auto- en Volkswagenliefhebber maar al te graag meeslepen in het verhaal van dit model en in heel de liefhebberij en hobby erachter. Ik heb het zien groeien in de afgelopen zes jaar terwijl steeds meer T3 exemplaren officiële oldtimerstatus verwierven door 25 jaar te worden. Ook de prijzen stegen evenredig... Eerst zou ik deze rode overnemen maar het "bakske" was toch te zwaar aangetast door de roestduiveltjes en ook de motor had al 300 000km, er was een periode dat er zo'n dikke oliewalm uitkwam dat we iedere ochtend de ramen sloten voor Roger zijn busje startte. Dit verdween even mysterieus als het gekomen was maar toch ... Uiteindelijk verkocht Roger hem aan Bart, een vriend van mij, en inmiddels hoop ik dat de rode rammelkast zijn werk nog voortzet in Afrika. Maar nog had ik geen bus ...


2007. Inmiddels heb ik al een half jaar mijn rijbewijs en heb ik al zo'n anderhalf jaar een Volkswagen Passat Variant van '93 onder mijn hoede geplaatst maar de oude droom naar een "buske" bleef. Mijn moeder rolde met haar ogen telkens als ik erover begon en mijn vader verklaarde me voor gek om dat als eerste auto te willen maar toch bleef ik lonken naar elke T3 die mijn pad kruiste. Toch besefte ik dat het nu of nooit was, de T3 begon aan oldtimerstatus te winnen en ook wat eens een wrak was, werd nu steeds duurder betaald. Ik begon rond te kijken op het internet maar de meeste exemplaren waren ofwel te verroest ofwel een camper. Ik wou een originele personenbus, liefst met dieselmotor omdat die de bus nog steeds meer karakter verlenen.

Een druilerige januari-avond. Ik krijg een msn-melding dat Bart mij iets te vertellen heeft. Hij wou een van zijn busjes verkopen omdat er plaats tekort was en het was een busje dat aan mijn criteria voldeed én binnen mijn budget. Ik legde het aan mijn ouders voor en tot mijn grote verbazing waren ze akkoord ! Ik had mijn busje, gekocht met mijn eigen spaarcentjes, al die jaren opgepot voor dit grootste moment.

Het was een Combi-uitvoering die door de vorige eigenaar als rudimentaire camper gebruikt was, deze was inmiddels overleden en zijn zoon verkocht het busje aan Bart. Bij Bart stond hij een jaartje stil tot ik de kans kreeg hem te kopen. Doordat het busje als camper gebruikt was, waren er geen banken in. Deze kocht ik bij een Nederlander net over de grens, de twee zitbanken pasten net perfect in mijn Passat en zo reed ik meteen door naar Bart. Daar zag ik mijn busje voor het eerst in levende lijve, vol rommel zoals een oud bad en dergelijke maar ik zag door de lagen vuil en rommel heen en zag een mooi, origineel, onveranderd en vooral knalblauw busje.


"Mag ik er 'ns mee rijden, Bart ?" vroeg ik begerig.
"Natuurlijk, wel alleen efkens mee den blok rond, hier komt toch alleen maar 'n tractor voorbij."
En zo kwam het dat ik de 1.7 dieselmotor met 189 000km zelf mocht aanzwengelen met de contactsleutel. Achter het gigantische -want bekrachtigingsloze- stuur voelde ik mij de koning te rijk en toen de diesel knorrend tot leven kwam, wist ik meteen dat ik een goede keuze gemaakt had ondanks dat gigantisch aluminium bad dat achter mijn zetel in mijn rug prikte.

Zo kreeg ik mijn busje het eerst te zien ... mét aluminium bad.

Bart liet de uitlaat lassen en verving op mijn vraag dat knullig schuifraampje, want hoewel origineel erbij geleverd is dit een uitnodiging voor waterlekken. Bart liet ook drie slechte roestplekken vervangen door nieuw ingelaste delen, gaf de bus een wasbeurt en zorgde voor de keuring. Ik zorgde voor de nummerplaat en inschrijving en op 16 februari 2007 was het zover : ik mocht het koopcontract ondertekenen en ik was de officiële eigenaar van een Volkswagen Transporter.

Het zandstralen van een lasnaad.

Inmiddels waren de luxueuze Caravelle banken er ook al in geplaatst, een Hollands koopje. Deze zou ik later opknappen samen met het interieur

Mijn grootouders brachten mij op 24 februari naar Bart en samen met mijn oma reed ik de bus de terugweg naar huis, zo'n 50 kilometer. Traag maar zeker want zo'n gigantische bus was voor mij wel even wennen zonder servostuur, zonder geluidsisolatie, met slechts vier versnellingen en slechts 57pk op de achterwielen. Juist. 57pk, slechts 7 meer dan mijn buurman zijn T3 had en dit voor anderhalve ton leeggewicht. Aan flitsboetes zou ik mijn geld niet kwijtspelen als ik met deze bus reed.

Mijn oma Hilda in de bus. Bemerk ook de mascotte op de achterste bank.

De verzekering was ook afgesloten maar voor die mensen reed ik nu rond in een "Volkswagen Caddy" met 8 zitplaatsen ... En eer ik mijn busje op de Dienst voor Inschrijvingen van Voertuigen (DIV) van dat prefix "camper" af kon helpen ... Ik was erheen gegaan met het keuringsverslag van de omkeuring naar personenbus, na een uur wachten was het eindelijk mijn beurt en gaf ik alle benodigde papieren en 30€ aan de loketbediende. Een vijftal minuten later had ik mijn nummerplaat, XDR-488. Mijn opa en ik gingen terug naar het station Centraal en gingen nog iets drinken voor onze trein vertrok. Bij het drinken van 'n glaasje water zie ik ineens dat mijn busje op het inschrijvingsbewijs nog stééééééds als camper stond.
Verdorie.
Daarop liepen we bijna terug naar de DIV, gelukkig kon dit nog rechtgezet worden ... Het zegt nog maar iets over de paperasserij dat met de autohobby gepaard gaat.

We kwamen heelhuids thuis en het werd tijd om hem op te knappen en weer naar een goede technische staat te brengen. Dat was nodig want een week nadat de bus hier op de oprit stond, begon hij olie te lekken op onze gloednieuwe opritstenen, met dat staaltje van territoriummarkering was mijn moeder allesbehalve gelukkig. De koppakking was beginnen lekken en de motorkop zelf vertoonde scheurtjes door het lange stilstaan en te weinig koelwater in het verleden. Inmiddels is de halve motor reeds vernieuwd, allemaal onderdelen die te lijden hadden onder de ouderdom want qua betrouwbaarheid is dit busje nog steeds een topper. Ik ondernam er in 2008 zelfs een reis mee naar Italië, zo'n 3000km dwars door Zwitserland en de Toscaanse bergen, we kwamen rijdend terug, hoewel niet helemaal ongeschonden. Dat verhaal hou ik voor later, ik heb nu mijn buske voorgesteld en ik hoop dat het duidelijk moge zijn dat, zelfs als bioloog, ik nog steeds een warm plaatsje in mijn hart zal hebben voor de oude mechaniek van auto's ...

Ja, ik was apetrots die bewuste eerste echte dag, mij nog onbewust van de véle avonturen die ik in twee jaar met dit busje zou beleven.

Lees het vervolg van dit voortdurende verhaal hier !

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen