"Et j'irai loin, bien loin, comme un bohémien, Par la Nature, - heureux comme avec une femme."
Arthur Rimbaud

donderdag 17 juni 2010

Nismes en de Viroinvallei

Zoals gewoonlijk, woensdagmorgen 8 uur, staan we aan de bus van Veronica Cars die ons deze keer naar het uiterste zuiden van België zal brengen met haar kalkrijke gronden en warm microklimaat. We begeven ons naar Nîsmes (spreek uit als "Nim"), in de provincie Namen alwaar nog een aantal "tiennes" liggen, kalkheuvels met een bijzonder habitat : kalkgraslanden. Deze vegetatie heeft veel gemeen met schrale droge heide maar vertoont toch een aantal eigenheden zoals haar ontstaan.

Een gevarieerd en mooi landschap ligt voor ons open.

In dit geval zijn de heuvels bewaard gebleven als eilanden in een geërodeerd gebied. Van oorsprong zijn de heuvels koraalriffen aangelegd in de Krijtzee, een warme ondiepe zee die tot 65 miljoen jaar geleden onze contreien nog overspoelde. Rond deze koraalriffen versteende het sediment tot leisteen dat makkelijker erodeert en zo de kalkheuvels bewaard bleven als afgeronde bulten in een gevarieerd landbouwlandschap. Ze zijn allen stuk voor stuk zeer beschermd en beheer gebeurd er doordacht. Net als in de Maten is er een probleem van stikstof- en fosfordepositie van de neerslag en aanplanten van bos na de tweede wereldoorlog op gronden die ervoor gemeenschapsgronden waren voor de talrijke schapen die de streek rijk was. Tegenwoordig worden deze uitheemse dennenbossen gekapt en het kalkgrasland krijgt weer alle kansen. Beheer probeert men hier te doen op basis van deze oude invloeden dus grazers krijgen de voorkeur in dit machinaal moeilijk te bereiken gebied. Bovendien zorgen grazende dieren voor lokale variaties, hier en daar laten ze het gras wat langer staan, daar knabbelen ze struiken weg, daar niet, ... Een gevarieerd habitat zorgt ook voor meer mogelijkheden voor meer soorten en zorgt dus voor een grotere biodiversiteit. Dat dit geen loze woorden zijn bewijst één cijfer al meer dan afdoende : bij een vegetatieopname is het niet ongewoon tot 50 (!) verschillende plantensoorten op één vierkante meter te vinden ! Het meest opvallende zijn de Kogelbloemen (Globularia bisnagarica), het Wildemanskruid (Pulsatilla vulgaris) (dat hier alleen nog voorkomt in ons Belgenlandje) en de vele orchideeën.

Een Mannetjesorchis (Orchis mascula) gefotografeerd met een 50mm f1.4 Ricor lens omgekeerd op een 50mm f1.8 Canon lens.

Een Gulden sleutelbloem (Primula veris), elders zeldzaam, hier vrij abundant.

Een stel Kogelbloemen.


Een kalkgrasland heeft vooral vegetatie dat aangepast is aan het pareren van schadelijke zonnestraling en tegengaan van de verdamping van kostbaar water. Een sprekend voorbeeld is Muizenoor (Hieracium pilosella) dat effectief in de middag zijn blaadjes omdraait om de verdamping tegen te gaan -aan de zonkant zijn de meeste huidmondjes- en de blaadjes hebben ook nog eens een hele laag van haartjes die permanent een luchtlaag als isolatie vasthouden. In en rond de kloven in de kalksteen vinden we dan weer rotsvegetatie zoals Tripmadam (Sedum rupestre) en Steenbreekvarens (Asplenium trichomanes) terug.

Als bioloogstudenten bekeken we gefascineerd elke vorm van leven dat hier zo anders is dan ons Vlaams getraind oog gewoon is.

Het onderwerp van onze fascinatie in de vorige foto waren deze exemplaren van Liggende ereprijs(Veronica prostrata).

Zoveel biotoopvariatie in een warm microklimaat zorgt ervoor dat heel wat zeldzaam geworden vlinders zich hier nog goed thuis voelen zoals de Akkerparelmoervlinder (Boloria dia) en de Aardbeivlinder (Pyrgus malvae), ook heel wat zuidelijke soorten zoals de Donzige eik (Quercus pubescens) en de wilde Buxus bereiken hier hun noordgrens.

Een Akkerparelmoervlinder.


Een Aardbeivlinder.


Jan en Pieter, vlindervangers met een zeer groot geduld ...

Tine, een van de assistenten die doctoreert op de Mannetjesorchis en dergelijke, onderzoekt een plaatsje op zoek naar typische planten die nog uitgelegd moeten worden.

Ik heb zelf nog nooit zoveel variatie en zeldzame plantensoorten gezien als die dag in Nismes ... Het leuke is dat in Wallonië ook de dorpen en kleine stadjes veel diverser zijn van natuur dan hun Vlaamse geëutrofieerde tegenhangers, zo vlogen in Nismes talrijke Huis- en Gierzwaluwen rond en kon je zomaar Boomklevers (Sitta europaea) en Gekraagde roodstaarten (Phoenicurus phoenicurus) zien in het centrum ... een niet alledaags gezicht. Ik kan het iedere rechtgeaarde natuurliefhebber aanraden ! Waarnemingen kunnen op waarnemingen.be gevonden worden.

Sfeerfoto van de kerk in Nismes. Alleen in Wallonië zetten ze een antiek bronzen openbaar toilet naast de kerk ...

3 mei, het is zeer zeker een late lente dit jaar, maar liefst een maand later dan die van 2009. Deze kastanjes stonden nog in volle bloei.

Maar de Gekraagde roodstaarten laten het niet aan hun hartje komen en zoeken naarstig voedsel in de omgeving.

We sloten de dag af met een big smile, moe maar voldaan. Er zat wel nog even een soort bij in de bus die assistent Tobias belaagde, door ons gevangen werd en een poging tot determinatie werd ondernomen. Dit lukte helaas niet door de onvolledigheid van de Tirion insectengids maar was weer even wat tijdverdrijf !

Gaëlle demonstreert de big smile.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen